Fair trade

Fair trade-producten komen uit ontwikkelingslanden, in Azië, Afrika en Latijns Amerika. Om te bepalen welke landen dit zijn, gebruikt de Landelijke Vereniging van Wereldwinkels gegevens van de Wereldbank. Landen die de Wereldbank benoemt in de categorieën ‘Low income or Middle income economies’ gelden voor Wereldwinkels als ontwikkelingslanden.
“Fair trade” betekent letterlijk eerlijke handel. Eerlijk houdt in dat de handel voldoet aan vier principes:

1. Respect voor mens en milieu
Bij de productie en handel van eerlijke producten is geen sprake discriminatie. Er zijn gelijke kansen voor mannen en vrouwen. Er wordt toegezien op veilige en gezonde arbeidsomstandigheden. Kinderarbeid is verboden en bij zowel de productie als de handel wordt gekeken naar een zo min mogelijke belasting van het milieu.

2. Een langdurige en gelijkwaardige handelsrelatie
In fair trade wordt aan producenten een leefbaar loon betaald, waaruit voedsel, kleding, onderdak, medische zorg en de school voor de kinderen kan worden betaald. Er wordt gewerkt met regelmatige en terugkerende opdrachten om meer inkomenszekerheid te geven. De relatie tussen fair trade-handelspartners is gebaseerd op dialoog en respect.

3. Ondersteuning van producentenorganisaties
Fair trade-producentenorganisaties worden door hun handelspartners ondersteund, onder meer door advies bij het ontwerp en de ontwikkeling van producten, organisatieadvies en trainingen over kostprijsberekening. Er worden bovendien afspraken gemaakt over voorfinanciering om de risico’s van investeringen niet alleen bij de producent te leggen.

4. Transparantie van de handelsketen
Van fair trade-leveranciers wordt niet alleen verwacht dat ze zich houden aan de vastgestelde criteria, maar dat ze ook aantoonbaar kunnen maken dat dat zo is. Zo waarborgt fair trade de claims die er worden gemaakt.